|
De spelling van vervoegde Engelse werkwoorden als faxen, deleten, saven en
golfen is voor het eerst geregeld. Nu zijn deze vervoegingen voor velen nog
een bron van twijfel. Is het bijvoorbeeld (naar Nederlandse taalprincipes)
gefaxt of (naar Engelse taalprincipes) gefaxed?
Volgens de nieuwe regels worden werkwoorden van Engelse (en
Amerikaanse) oorsprong vervoegd als de zwakke werkwoorden in het
Nederlands. Ze krijgen in de verleden tijd en als voltooid deelwoord een
-d(e), behalve als de stam qua klank eindigt op een medeklinker uit 't
kofschip. Dan krijgt het werkwoord in de verleden tijd en als voltooid
deelwoord een -t(e).
Het wordt bijvoorbeeld rugbyen, rugbyde, gerugbyd en joggen, jogde, gejogd.
Maar het wordt ook: faxen (stam = fax, klinkt als faks), faxte,
gefaxt en racen (stam = race, klinkt als rees), racete, geracet.

|
|
Hoofdregel
De tussen-en wordt volgens de nieuwe regels geschreven als het eerste
woord van de samenstelling een zelfstandig naamwoord is dat:
a) in het enkelvoud op -e eindigt en alléén een meervoud heeft op en;
of:
b) in het enkelvoud niet op -e eindigt en een meervoud heeft op en.
Het wordt dus getuigenverklaring, want het meervoud van getuige kan alléén
getuigen zijn. Tegelijkertijd blijft het aspergesoep en hoogtevrees, want
het meervoud van asperge is asperges, terwijl het meervoud van hoogte zowel
hoogten als hoogtes kan zijn.
Daarnaast wordt het bessensap, hondenhok, krantenartikel en pannenkoek,
want het meervoud van bes, hond, krant en pan is bessen, honden, kranten en
pannen.
Maar het blijft rijstebrij, eremedaille en rodekool. Rijst
en eer hebben immers geen meervoud, terwijl rood geen zelfstandig naamwoord
is.
Het blijft ook ambtenarenvakbond en lerarenkamer. Het meervoud van
ambtenaar en leraar kan weliswaar, naast ambtenaren en leraren, ook
ambtenaars en leraars (veel gebruikt in Vlaanderen) zijn, maar omdat deze
woorden in het enkelvoud niet op een -e eindigen, krijgen ze toch een
tussen-en.
Uitzonderingen
Sommige woorden houden een -e als tussenletter, hoewel ze volgens de
hoofdregel -en zouden moeten krijgen. Het gaat om de volgende
uitzonderingen:
- Woorden die verwijzen naar een unieke persoon of zaak. Het blijft
bijvoorbeeld zonneschijn, manestraal en Koninginnedag.
- Samenstellingen waarvan het eerste deel alleen maar wordt gebruikt als
versterking van het bijvoeglijke tweede deel. Zo blijft het boordevol,
apetrots, reuzegroot en beresterk.
- Plantnamen waarvan het eerste deel een dierennaam is en het tweede
deel een plantkundige aanduiding. Het blijft kattekruid en
paardebloem, want kruid en bloem zijn plantkundige aanduidingen. Het
wordt daarentegen wel kattenstaart en berenklauw, ook als het gaat om
de desbetreffende plant. Staart en klauw zijn immers geen plantkundige
aanduidingen.
- Woorden die een samenstelling lijken, maar dat in werkelijkheid niet
zijn (we noemen dit vermeende samenstellingen). Papegaai bestaat
bijvoorbeeld niet uit de woorden 'paap' en 'gaai', maar is afgeleid
van het Spaanse 'papagayo'. Het wordt dus niet papengaai, maar blijft
papegaai. Ook woorden als pierewaaien en bolleboos behoren tot de
categorie vermeende samenstellingen.
- Woorden die historisch gezien wel een samenstelling zijn, maar door de
hedendaagse taalgebruiker niet meer als zodanig worden herkend (versteende
samenstellingen). Voorbeelden zijn elleboog, nachtegaal en
paddestoel.
Er is ook een lijst met 'vermeende en versteende samenstellingen'. Het gaat
om ongeveer honderd woorden. Zie hieronder voor de volledige lijst.

|
|
Trema ( " ) en koppelteken (-)
Hoofdregel
Het trema wordt afgeschaft tussen de delen van een samenstelling.
Woorden
als zeeëgel, zoëven en naäpen worden in het vervolg geschreven als
zee-egel, zo-even en na-apen. Het trema blijft wel bestaan in woorden als
reëel, kopieën, knieën, coördinatie en geïnd. Deze woorden zijn namelijk
geen samengestelde, maar afgeleide woorden.
Uitzondering
In cijfers en getallen wordt het trema gehandhaafd.
Het blijft bijvoorbeeld
tweehonderddrieënveertig, ondanks het feit dat dit een samengesteld woord
is. Tweehonderddrie-enveertig zou er te vreemd uitzien.
Aardrijkskundige namen
Woorden, afgeleid van een aardrijkskundige naam met een liggend streepje
(koppelteken), krijgen in het vervolg zelf ook altijd een liggend streepje.
Het wordt bijvoorbeeld Zuid-Hollands, Oost-Duits en Noord- en
Zuid-Amerikaans. Het huidige, moeilijk uit te leggen, verschil tussen
bijvoorbeeld Zeeuws-Vlaams en Westvlaams verdwijnt.
Accent circonflexe (^)
Hoofdregel
Op de letters a, o en u verdwijnt het 'dakje' (accent circonflexe).
Woorden als debâcle, pâté, ragoût en entrecôte worden
in het vervolg geschreven als debacle, paté, ragout en entrecote. De letter e houdt zijn
accent circonflexe. Zo blijft
het gêne, fêteren en enquête.
Uitzondering
Wanneer Franse woorden nog helemaal niet zijn vernederlandst, wordt het
dakje ook op de a, o of u gehandhaafd.
Het blijft bijvoorbeeld coûte que
coûte.
Het accent aigu (é)
Het accent aigu in de uitgang ée verdwijnt. Nu wordt een woord als logé nog geschreven als logée
wanneer het gaat om de
vrouwelijke vorm. Volgens de nieuwe regels wordt het: logee.
De mannelijke vorm blijft logé.

|
|
Er bestond in de spelling van 1954 een voorkeurspelling en een toegelaten
spelling. Nu bestaat er nog maar één erkende spelling.
Hoofdregel
Veel woorden kunnen nu nog op twee manieren worden geschreven: in de
voorkeurspelling en in de zogenoemde toegelaten spelling (bijvoorbeeld
consequent en konsekwent, apotheek en apoteek, exemplaar en eksemplaar).
Volgens de nieuwe regels is er nog maar één officiële spelling: de oude
voorkeurspelling. Dus: consequent, exemplaar en apotheek. Overigens was in
het onderwijs en bij de overheid de voorkeurspelling al verplicht.
Uitzonderingen
Bij een klein aantal woorden (39 in totaal) is niet gekozen voor de
voorkeurspelling, maar voor de 'oude' toegelaten spelling. Er is volledige lijst met uitzonderingen. Het gaat om drie groepen woorden:
-
Woorden die in een samenstelling anders werden geschreven dan in
niet-samengestelde vorm. Het was altijd kopie en fotocopie, kosmos en
microcosmos. Die tegenstrijdigheid is opgeheven. Volgens de nieuwe
spelling is het: kopie en fotokopie, kosmos en microkosmos.
-
Woorden die, ten opzichte van vergelijkbare woorden, een onlogische
vorm hebben. Insekt wordt bijvoorbeeld geschreven naast project,
dialect, effect en direct. In de 'oude' spelling was het publikatie,
maar indicatie, abdicatie, identificatie en locatie. Produkt,
produktie en produktief bestaan naast viaduct, reductie en inductief.
Ook deze tegenstrijdigheden worden opgeheven. Het wordt: insect,
publicatie en product.
-
Woorden die door vrijwel niemand in de voorkeurspelling werden
geschreven. Het is nu bijvoorbeeld kroket in plaats van croquet en
propedeuse in plaats van propaedeuse. NB: In bepaalde gevallen blijven
twee spellingen naast elkaar bestaan. Het gaat om woorden die op
verschillende manieren kunnen worden uitgesproken: cinema en kinema,
destilleren en distilleren, transitoir en transitoor, bloes en blouse.
Beide varianten zijn gelijkwaardig. Er is dus ook in deze gevallen
geen onderscheid tussen voorkeurspelling en toegelaten spelling.
| uitzonderingen
i.v.m. de voorkeurspelling |
|
| Spelling 1996 | Voorkeurspelling 1954 |
| antichrist | antikrist |
| katheter | catheter |
| kroket | croquet |
| dioxide | dioxyde |
| elektrocuteren | elektrokuteren |
| elektrocutie | elektrokutie |
| emfase | emfaze |
| fotokopie | fotocopie |
| fotokopiëren | fotocopiëren |
| harmonica | harmonika |
| insect | insekt |
| complot | komplot |
| complotteren | komplotteren |
| corpus | korpus |
| quaker | kwaker |
| lambriseren | lambrizeren |
| lambrisering | lambrizering |
| macrokosmos | macrocosmos |
| mediëvist | mediaevist |
| microkosmos | microcosmos |
| oxidatie | oxydatie |
| oxide | oxyde |
| oxideren | oxyderen |
| pre | prae |
| preses | praeses |
| prakkiseren | prakkizeren |
| praktiseren | praktizeren |
| predicatief | predikatief |
| product | produkt |
| productie | produktie |
| productief | produktief |
| productiviteit | produktiviteit |
| propedeuse | propaedeuse |
| propedeutisch | propaedeutisch |
| publicatie | publikatie |
| kwantum | quantum |
| vredestraktaat | vredestractaat |
| vulkanisatie | vulcanisatie |
| vulkaniseren | vulcaniseren |
|
|
|
| speciaal |
|
Er zijn een aantal spellingregels die traditioneel voor problemen
zorgen. Sommige ervan zijn door de nieuwe regeling (de zgn. spelling
1995) gewijzigd, andere niet of nauwelijks. We zetten een en ander hier
nog eens op een rijtje.
|
|
c of k
- we schrijven een k
- in woorden die duidelijk van Nederlandse origine zijn
Denk aan woorden als kat, keuken, kijken,
komen.
- we schrijven meestal een c
- in woorden met klanken die duidelijk naar andere talen
verwijzen
Daarom is het cachet, canaille, coach,
computer en culinair.
- voor een t
Bijvoorbeeld in actie, correct, lactose,
insect, product.
Maar het is bijv. akte, elektriciteit, oktober, praktijk, traktaat.
- in de voorvoegsels co-, col-, com-, con- en cor-
Dus coalitie, colporteren, combinatie, congres, cordiaal.
Maar schrijf een k in: koket, kokos, kolibrie, koliek, kolom, kolos, komeet, komiek, komma, kompas, kompres, konvooi, kopij, koraal, kordaat, korset en kotelet
|
|
d en t bij werkwoorden
- Schrijf een t achter het werkwoord in de 2de en 3de persoon
enkelvoud tegenwoordige tijd.
jij gaat, het gebeurt, hij komt, zij springt,
jij biedt, zij raadt
- uitzondering 1: als de stam van het werkwoord al eindigt op
een -t schrijf je geen extra t
Dus niet: hij giett maar hij giet
- uitzondering 2: als het onderwerp jij of je
achter de persoonsvorm staat
Dus: kom je en heb jij en bied je
Maar ook: komt je vriend (want je is geen onderwerp)
- Schrijf een t bij een voltooid deelwoord van een werkwoord
dat ch, f, k, p, s of x heeft voor de uitgang -en
gewacht, geboft, gehakt, gestopt, gewist,
gefaxt, vermaakt
- Schrijf een d bij een voltooid deelwoord van een werkwoord
waarvan de stam eindigt op een klinker of op een andere medeklinker
dan in het vorige punt opgesomd
geribd, gehoord, versteend, gehelmd, gehuwd,
geloofd
Enkele eigenaardige woordbeelden: gesleed (< sleeën), gejudood
(< judoën), gerugbyd (w rugbyen)
- uitzondering: bij een voltooid deelwoord komt gene extra d
als de stam eindigt op -d
Het is niet gedoodd maar gedood.
|
|
hoofdletter of kleine letter
- We schrijven een hoofdletter
- aan het begin van een zin
Zij wacht op nieuws.
- bij eigennamen
- persoonsnamen: Bert, de heer Janssen,
Piets adres
- aardrijkskundige namen en afleidingen: Maaseik,
Noord-Frankrijk, de Duitse taal, West-Vlaams
- namen van instellingen, organisaties, bedrijven, gebouwen
enz.: de Europese Unie, KBC, de
Renaultfabriek, het Museum voor Schone Kunsten
- aanduiding van vorsten, staatshoofden en kabinetsleden wanneer
hun functie bedoeld wordt: Zijne
Koninklijke Hoogheid, de President van Duitsland, de Minister
(maar: hij is al enkele jaren minister)
- We schrijven een kleine letter:
- bij namen van maatschappelijke, culturele, godsdienstige
stromingen, etnische groepen enz.
socialisme, christendom, islamiet, joden,
eskimo's, indianen
- in soortnamen die afgeleid zijn van een eigennaam
adamsappel, champagne, marxisme

|
|
s of 's
Bij meervoudsvormen en bij genitiefvormen wordt een -s toegevoegd aan het
woord. Bij het schrijven zijn daarvoor twee mogelijkheden: ofwel staat de s
vast aan het woord, ofwel wordt ze voorafgegaan door een apostrof.
hoofdregel
De s van meervoud of genitief wordt vastgeschreven aan het woord.
meervoud: dokters, tantes, cadeaus, dominees
genitief: Karels fiets, Piets hoed, Jeannes adres
uitzondering
We schrijven apostrof s ('s) als het woord op een heldere klinker
die met één letterteken wordt geschreven, dus na a (uitgesproken als aa), e
(uitgesproken als ee), i (uitgesproken als ie), o (uitgesproken als oo), u
(uitgesproken als uu), y (uitgesproken als ie)
meervoud: opa's, facsimile's, ski's, jojo's, paraplu's,
baby's
genitief: Ria's vrienden, Jo's boek, Rudy's optreden
Opgelet. Als het woord eindigt op een letter met een accent schrijven
we geen apostrof: cafés.

| |